Rechter baseert uitspraak op koran

Duitsland, maart 2007

Met de koran in de hand weigert een familierechter om een scheidingsverzoek van een vrouw van Marokkaanse komaf, toe te kennen. Volgens de koran mag een man zijn ongehoorzame vrouw tuchtigen, zo stelt de vrouwelijke rechter. Een scheiding kan alleen worden uitgesproken als er sprake zou zijn van hardvochtigheid of een onbillijke behandeling.
Barbara Becker-Rojczyk, advocate van de eiseres, maakt melding van deze zaak. Volgens Becker-Rojczyk voerde de rechter aan dat beide partners uit de Marokkaanse cultuur afkomstig zijn en dat het daar niet ongebruikelijk is dat een man gebruik maakt van het recht om zijn vrouw te slaan.
Becker-Rojzykc voerde als argument aan dat de rechtbank zich moet uitspreken op basis van het staatsrecht en niet op basis van godsdienstwetten. Bovendien is haar cliënte Duits staatsburger.
De moeder van twee kinderen is met grote regelmaat slachtoffer van zware mishandelingen door haar man.
CDU-politicus Wolfgang Bosbach vond dat de rechter de Koran boven de grondwet plaatste. Volgens de vrouwenorganisatie Terre des Femmes zouden 'eremoorden' in het verleden anders dan normale moorden zijn beoordeeld. Inmiddels is de rechter alsnog van de zaak afgehaald.
Zie ook: ''Sharia deels mogelijk in Europa'' volgens Duitse rechter

Frankfurter Rundschau, 20 maart 2007
Elsevier, 21 maart 2007
Spiegel, 21 maart 2007
Nu, 22 maart 207
Telegraaf, 22 maart 2007